De Amsterdamse School op het Hoogeland

Amsterdam

Een architect vroeg aan een baksteen "wat wil je worden?" Waarop de baksteen zei "golvend". 

 

En dat was de Amsterdamse school: "golvende baksteen", plastische vormen uit hard gebakken klei. Of zoals Anja Reenders haar boek over de Amsterdamse School noemde "Versteende Welvaart".

 

Als de architecten De Klerk, Kramer en Van der Mey in 1916 het scheepvaarthuis bouwden , waren alle factoren aanwezig om in Amsterdam te komen tot een vernieuwende bouwstijl die geïnspireerd werd door de Engelse landhuisarchitectuur en het Duitse  expressionisme. Het sociaal Democratisch klimaat (SDAP), de woningwet (1901), sociale woningbouw en de expansie van Amsterdam droegen er toe bij dat nieuwe volkswijken werden gebouwd zoals de arbeiderswoningen voor spoorweg- en havenpersoneel rond het Spaardammerplantsoen (1914-1918) .  Het bekendst en ook het meest plastische huizenblok aan het Spaardammerplantsoen van De Klerk werd al snel "het schip" genoemd  (nu het museum voor de Amsterdamse School). Met variaties in hoogte, ronde vormen, vloeiende daklijnen en het ritme van ramen en deuren mag dit gezien worden als een hoogtepunt in de architectuur van de Amsterdamse school. Als in 1920 de economische en maatschappelijke  omstandigheden verslechterden,  werd de architectuur strakker van vorm ( Dudok en Berlage).

Groningen

Vanaf 1920 heeft de Amsterdamse School-stijl zich verbreid over het hele land, maar nergens op zo'n grote schaal als in Groningen, zowel de stad als de Ommelanden .  Wij richten ons vooral op het platteland en met name het Hoogeland waar architecten als Rozema, Dertien, Wiersema, Reitsma en Zevenberg de Amsterdamse School  op hun eigen manier vorm gaven in woonhuizen, kerken, scholen en boerderijen. Enkele van deze architecten hadden hun opleiding in Amsterdam genoten en namen zo de Amsterdamse School-stijl mee naar Groningen.

In vergelijking met de Amsterdamse School-stijl in de stad Groningen is deze op het Hoogeland soberder en meer ingetogen. Het kleurgebruik, geinspireerd door "de Stijl"en  "de Ploeg", is uitbundig te noemen. Opvallend zijn de verspringende daken, het hoogteverschil, overstekende daken met een steile helling, abstracte rechthoekige vormen en sterke horizontale lijnen. Ook hier komen de ladderramen goed tot hun recht. De ambachtelijkheid en het "eerlijk handwerk" zien we terug in het totaal ontwerp, zowel interieur en exterieur, met veel oog voor detail zoals in glas-in-lood ramen,  smeedwerk en strakke decoraties in het houtwerk.

Ondanks de crisis van de 30er jaren is er veel gebouwd in de Amsterdamse School-stijl. Het betreft dan voornamelijk herenhuizen, kerken, middenstandswoningen en, door de overheid gesubsidieerde woningbouw (lage lonen en goedkope bouwmaterialen). Eind 30er jaren gaat men over op meer traditionele "oudhollandse bouwstijl" de Delftse School met zadeldaken, topgevels en kruiskozijnen.

 

Centrum voor de Amsterdamse School

DE KERK gaat zich de komende jaren ontwikkelen als een centrum voor de Amsterdamse School op het Hoogeland.

De nadruk komt vooral te liggen in de architectuur, de architecten en ontwerpers van meubelen. Daar is een mooi begin mee gemaakt met het Wiersema-archief wat bestaat uit tekeningen en bestekboekjes die een beeld geven van de veelzijdigheid van deze architect (1920-1955). Met de "Ds. Wasch-collectie" geven we een beeld van de Amsterdamse School meubelen en de meubelfabriek van Heres uit Veendam.

 

We zoeken steeds naar uitbreiding van ons archief. Mocht u tekeningen of/en bestekboekjes hebben van Amsterdamse School objecten in de provincie Groningen (het Hoogeland) dan komen we graag met u in contact om te overleggen hoe het een plaats kan krijgen in ons archief. Ook informatie en documentatie is zeer welkom.

Dat zelfde geld ook voor Amsterdamse School meubelen.

 

DE KERK is niet in één jaar gebouwd en dat gaat ook op voor het kennis en informatiecentrum waar we naar streven.